Zoeken

Search
Generic filters
Exact matches only
Filter by Custom Post Type
Stroomversnelling op linkedinStroomversnelling op twitterStroomversnelling op youtubeStroomversnelling op flickr

Proeftuin Generalenbuurt - Eindhoven

We spraken over de proeftuin Generalenbuurt met Roozbeh Nikdel. Hij is sinds 2018 werkzaam bij de gemeente Eindhoven, momenteel als Themaleider Duurzaam Wonen. De proeftuin Generalenbuurt is de tweede PAW proeftuin in de gemeente Eindhoven. Proeftuin ’t Ven-Lievendaal werd al eerder gehonoreerd, in de eerste tranche.

Eindhovense context
Roozbeh Nikdel zegt over de Eindhovense context: “Duurzame energiebronnen zijn schaars in de gemeente Eindhoven. Er is aquathermie en restwarmte, maar de belangrijkste duurzame warmtebron voor Eindhoven – en voor de Generalenbuurt – is de warmte in het effluent van een rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI). Daarmee kunnen in potentie 8000 woningen worden verwarmd. De Generalenbuurt is geselecteerd als proeftuin vanwege de mix aan gebouwtypologieën, en omdat veel woningen in deze wijk aan een onderhoudsbeurt toe waren.”

“We gaan straks met een ZLT-backbone de buurt in. In het buurtwarmtecentrum wordt de temperatuur vervolgens met elektrische warmtepompen opgewaardeerd naar maximaal 50°C. Dit ontwerp biedt veel flexibiliteit want nieuwbouwwoningen, of andere projecten in andere buurten, kunnen zo ook worden aangesloten op de ZLT-backbone. De woningen in de Generalenbuurt die in handen zijn van de woningcorporatie worden op dit moment al gerenoveerd richting de standaard (energielabel A/B) en krijgen ook zonnepanelen. Voor particuliere woningbezitters is er een speciaal adviestraject voor verduurzaming van hun appartement dat loopt via de VvE’s (Verenigingen van Eigenaren). Dit betreft portiekflats van drie lagen. Eén portiekflat is inmiddels aangepast aan 50°C.”

Vragenlijst
1. Is er een koudevraag? Zo ja, wordt deze gekoppeld aan de warmtevraag?
Nee, in het PAW-gebied niet of nauwelijks. Deze buurt heeft vooral gerenoveerde bestaande woningbouw – rijwoningen in bezit van een woningcorporatie – zonder koudevraag. De portiekflats zijn in het bezit van VvE’s. Deels worden ze collectief verwarmd en deels met individuele cv-ketels. Daarnaast is er enige utiliteitsbouw: één gebouw dat al aardgasvrij is, één autoshowroom met herbestemming, één kleine supermarkt en een strook winkels.

Het is wél zo dat gemeente merkt dat koudevraag steeds belangrijker wordt. De temperatuur van de backbone vanaf de RWZI biedt mogelijkheden om vanaf daar te koelen: direct bruikbaar of met een kleine temperatuurstap via een warmtepomp, waarbij de resulterende warmte weer in het ZLT-net kan worden geïnjecteerd.

2. Wordt er gebruik gemaakt van een groot aantal warmtepompen? Zo ja, wordt er dan ook aan een vorm van peakshaving gedaan om de belasting van het elektriciteitsnet te beperken?
Ja, in het zogenaamde ‘buurtwarmtecentrum’:
• warmtepompen die hun warmte onttrekken uit de ZLT-backbone: via warmtepomp naar 50-55°C, tijdelijk max. 60°C als 50°C in de winter toch te weinig zou zijn;
• warmtepomp op buitenlucht.
In het kader van UDI (Urban Development Initiative, TUe, gemeenten Eindhoven, Tilburg en Helmond) wordt er ook gestudeerd op het balanceren van het elektriciteitsaanbod en de elektriciteitsvraag stadsbreed en op buurt- of wijkniveau.

3. Wordt er gebruik gemaakt van lokale energiebronnen?
De warmte uit de rioolwaterzuiveringsinstallatie en uit de buitenlucht is lokale energie. De elektriciteit voor de warmtepompen en de e-boiler is ‘grijs’ (gekoppeld aan de opwekmix van het landelijke net). De woningen krijgen zonnepanelen, maar deze energie is niet bedoeld voor de buurtwarmtecentrale. Er is nog geen visie op het lokaal en duurzaam opwekken van de benodigde elektriciteit. Vooralsnog lijkt het grondoppervlak van de gemeente Eindhoven te klein om daar alle benodigde energie duurzaam op te kunnen wekken.

4. Worden er laagwaardige energiebronnen gebruikt bij een laagwaardige vraag?
Voor een groot deel wel. De warmtepompen gebruiken echter elektriciteit met een relatief gunstig rendement.

5. Is het systeem vraaggestuurd?
Het warmtenet in de buurt zal op temperatuur moeten worden gehouden om steeds te kunnen voorzien in de vraag naar warmte. Daarom zal er steeds warmte circuleren.

6. In hoeverre is er nog fossiele energie nodig?
Door de toevoeging van zonnepanelen bij de renovatie van de woningen wordt een flink deel van de elektriciteitsvraag in de woning verduurzaamd. Wat betreft de verwarming is er fossiele energie nodig voor de opwekking van een deel van de hiervoor benodigde elektriciteit in de warmtepompen: dit staat gelijk aan het aandeel fossiele energie in de landelijke elektriciteitsmix. Vooralsnog is er geen plan om alle elektriciteit lokaal op te wekken, de mogelijkheden in de stad zijn onderzocht en blijken beperkt.

7. In hoeverre worden de afnemers geschikt gemaakt voor LT?
De afnemers worden geschikt gemaakt voor een aanvoertemperatuur van max. 55°C, vooralsnog met behoud van afgiftesystemen, want de inschatting is dat die voldoen (zie ook de studie Warming Up). Als de afgiftesystemen toch onvoldoende blijken worden deze waar noodzakelijk alsnog aangepast.

Terug naar het artikel

Proeftuin Zuidwolde – gemeente Het Hogeland

Proeftuin Panningen-centrum – gemeente Peel en Maas

Proeftuin Panoramabuurt – gemeente Vlissingen

Proeftuin Heeg – gemeente Súdwest-Fryslân